28 januari 2008

Zand, wasbord en stenen ….


Een bericht uit Dongola, een middelgrote stad aan de Nijl, ongeveer halverwege tussen Khartoum en de grens met Egypte. We kamperen hier op een terrein waar ooit een dierentuim was gevestigd. Kijkend naar het aantal kinderen dat over het hek een glimp van ons wil opvangen, is het aapjes kijken hier nooit opgehouden.
De afgelopen vier dagen hebben we 430 km afgelegd door de woestijn, 90% hiervan was onverhard: soms aangestampte grond, soms los zand waarin je fiets smoort, en bijna altijd voorzien van een structuur met ribbels overdwars: het beruchte wasbord-wegdek. Het remt natuurlijk enorm af, en werkt ook erg vermoeiend: je moet continu het juiste pad zien te vinden om de trillingen niet te groot te laten worden. Ik ben ontzettend blij dat ik een mountain-bike heb gekocht voor deze tocht, voorzien van voor-vering, daardoor is het het iets minder zwaar. Aan het einde van de vier dagen “off the road” zit een groot aantal mensen en fors doorheen, sommigen hebben vier dagen achtereen van 8.00u tot 16.30u in het zadel gezeten. Ik vond het ook zwaar maar kon gelukkig toch nog wel enige snelheid ontwikkelen. De vorm is nog steeds goed, de gezondheid ook, alles gaat goed.
Het landschap waar je doorheen rijdt is adembenemend mooi: gortdroog, enorm wijds en leeg, prachtig. De dorpjes langs de route zijn arm maar iedereen heeft fantastsich mooie lemen huizen: ruim opgezet en zo gebouwd dat de hitte zo weinig mogelijk pijn doet. De mensen zijn open en vriendelijk en willen graag een praatje met je maken of op de foto. Dit geldt ook voor de vrouwen met sluier. Kortom: tot nu toe lijkt Sudan niet op het beeld dat normaliter in de media wordt geschetst (maar dat gaat dan ook bijna nooit over de gewone mensen).
De temperatuur is langzaam aan het klimmen, we fietsen nu op het heetst in 30 graden, goed te doen dus. Het zal de komende dagen alleen maar warmer worden, we gaan zien hoe goed ik er tegen kan.
Morgen vertreken we richting Khartoum, 600 km in 5 dagen. Gelukkig ligt er de hele weg asfalt, dat moet te doen zijn.

Welcome to Sudan!!


(geschreven op 22 jan)
De overtocht van Aswan (Egypte) naar Wadi Halfa (Sudan) was zoals beloofd: in- en uitladen is pure chaos. Als je denkt: alles is aan boord, we kunnen vertrekken, rijden er nog 5 vrachtwagens het haventrerein op, met een 10 meter hoge lading van allerlei spullen. Onder geschreeuw en gekrijs worden de vrachtwagens gelost, elke doos wordt met het handje aan boord gebracht.
Alle hutten aan boord van het schip waren gereserveerd voor de TdA-rijders, er waren niet genoeg hutten, wie wel en wie niet een hut werd bepaald op basis van leeftijd. Ik heb dus een heerlijke nacht in een lekker bedje gelegen, met uitzicht door de patrijspoort op het Nassermeer. De Sudanese en Egyptische passagiers zitten “”derde klas”: een dampend hok vol met dozen, eten, en pikzwarte mensen. ’s Ochtends in het zonnetje op het dek gezeten en de tempel van Abu Simbel aan me voorbij zien trekken, het leek wel vakantie.
De aankomst in Wadi Halfa was net zo chaotisch als het vertrek uit Egypte: weer veel heen en weer gesjouw met bepakking, stickers plakken, handtekeningen zeten, etc. Uiteindelijk stond iedeen voorzien van het juisten stempel aan de goede kant van het hek en konden we op weg naar onze eerste kampeerplek: het plaatselijke voetbalstadion van Wadi Halfa. Daar heb ik ook kennis gemaakt met Henri Gold, de eigenaar van de firma Tour dÁfrique en mede-uitvinder van deze tocht. Hij reist mee tot Addis Abeba.
De mensen zijn erg vriendelijk, iedereen roept “welcome”” naar je. Een hele verandeming na het overbevolkte Egypte waar elke zin met “money” begint.
Omdat de support-trucks op een andere boot het Nasser-meer zijn novergestoken, konden ze zich pas in de loop van de woensdag weer bij ons voegen, waardoor er niet gefietst kon worden, een onverwachte extra rustdag dus. Enerzijds lekker, anders vervelend want nu moeten we één van moeilijkste stukken (N-Sudan tot Dongola) in 4 in plaats van 5 dagen doen. “Kan makkelijk” zegt Duncan, de Tour-directeur, want er is heel veel geasfalteerd van die weg het afgelopen jaar.
Morgen de eerste 120 km door de woestijn, ik heb er zin an.